De eerste techniek om de snaren van de klassieke gitaar aan te spelen is het spelen met steun. Deze techniek wordt ook 'apoyando' genoemd in het Spaans.

Zet een vinger van je rechterhand op een snaar en speel hem aan. De vinger gaat in de beweging mee en komt tot rust op de onderliggende snaar. Let vooral op dat je vingertoppen met deze beweging niet doorknikken en laat de vinger net zolang staan als de waarde van de gespeelde noot.

Hou ook je pols en arm stil en beweeg de vingers vanuit de knokels.